Beduusd maar tevree.

Hoe bijzonder. Ik zit hier op de zondag na een heel gezellige (en lange) Koningsdag een beetje beduusd. Beduusd door wat me allemaal is overkomen de afgelopen jaren, maar vooral ook door wat ik daarvan zelf in werking heb gezet. Door zelf in beweging te komen. Van dag tot dag. Aanvankelijk met een niet vastomlijnd doel voor ogen. Het doel was in het begin niet meer dan een fijn en zinvol leven te leiden met mezelf en met belangrijke anderen om mij heen.  De meest recente belangrijke stap daarin was om na een lange kantoorcarrière iedere dag in beweging te komen in de begeleiding, coaching en training van mensen. Wat blijkt? Als je dan gaat lopen kom je vanzelf nog meer belangrijke anderen tegen. Ontmoetingen die leiden tot delen, delen dat leidt tot inspiratie en inspiratie die leidt tot pionieren. Pionieren op een werkveld dat zelf volop in beweging is. Zorg in detentie en (forensische) psychiatrie. Woorden als verschuivingen in de financieringen en mate van financieringen alleen al aanzetten tot pionieren. Maar eerst en vooral gaat het om de mensen. Want uiteindelijk gaat het bij het bieden van zorg aan mensen. Aan hen die zelf (opnieuw) in beweging moeten komen of in beweging moeten blijven, ondanks wat hen is overkomen. Om zelf (weer) een zinvol en fijn leven op te kunnen bouwen of zich zelf op een fijne en zinvolle wijze staande te kunnen houden. Zeker zij hebben belangrijke anderen nodig. In alle bescheidenheid belangrijke anderen. Het gaat immers om hun krachten en kwetsbaarheden, die uitgesproken en erkend moeten worden. Om hun dromen of delen van dromen die vervuld mogen worden. En elke overwinning, hoe klein ook, mag gevierd worden. Dat geeft mij iedere dag weer een blij en zinvol gevoel. Daar kom ik iedere dag weer voor in beweging. Met het geluk van de wetenschap  dat ik zelf belangrijke anderen in mijn nabijheid heb. In elke rol die ik in mijn leven vervul. Nou, daar mag een mens weleens beduusd van zijn. Beduusd maar tevree.

Advertenties

Altijd onderweg tot……

Tijden heb ik het gevoel gehad altijd maar onderweg te zijn, te moeten zijn, een leven lang. De inmiddels oude koffer die ik overal mee naar toe nam raakte voller en dus zwaarder. Okay, hier en daar liet ik ook wel wat zaken achter. Echter, een mens is toch geneigd meer te verzamelen dan los te kunnen laten. Lang leek het dat juist dat verzamelen en loslaten het doel in het leven was. Het doel om verder te komen in het verbinding maken met anderen, het vergaren van kennis en wijsheid. Zodat straks een keer anderen die koffer openen en daar hoop, moed en vertrouwen uit kunnen putten. Of misschien zelfs wel liefde. Inmiddels besef ik dat ik niet hoef te reizen, in ieder geval niet meer. Die koffer is mijn huis, mijn thuis zelfs. Al wat ik tot nu toe verzameld heb of achtergelaten, ben ik en mag ik met liefde en vol dankbaarheid koesteren. Sterker nog, alles kan en mag met liefde gedeeld worden, in elke rol die ik vervul in mijn leven. De koffer reist vanzelf en laat mij mensen ontmoeten en mogelijkheden zien, naar waar ik mijn leven lang op zoek ben geweest. Het moet gezegd, soms wordt de inhoud eens flink door elkaar geschud en gaat er wat verloren. Ik durf nu te uiten dat de leegte die daardoor ontstaat, altijd gevuld wordt met iets anders. Iets anders waarvan ik het bestaan nooit had durven vermoeden. Een mooi inzicht met een gevoel van thuis bijvoorbeeld. home

Een verklaring van goed gedrag voor iedere “Hardwerkende Nederlander”?

Sinds een aantal jaren – maar zeker in het “Rutte-tijdperk” waar we nu in zitten – ben je een goed (politiek) debater en/of mediapersoonlijkheid als je de one-liners en het populisme goed beheerst. Sterker nog, juist op basis daarvan worden beslissers beoordeeld en gekozen. Maar realiseren we ons wel dat we ons puur laten aanspreken op ons onderbuikgevoel en daarmee het op juiste waarde schatten van uitspraken en diens gevolgen op de achtergrond schuiven? Ik durf hardop te zeggen van wel!

Het is alweer een aantal jaren geleden dat Wilders de term “massa-immigratie” begon te bezigen in de tweede kamer en op de (sociale) media. En het team van Rutte is alweer een tijdje erg ingenomen met de term “hardwerkende Nederlander”. Als deze populistische uitspraken maar vaak genoeg gehoord en gelezen worden, nemen deze bezit van onze onderbuik en laten we onze overtuigingen over hoe onze samenleving eruit ziet op zijn zachtst gezegd behoorlijk beïnvloeden. Gevolg is dat er met dergelijke containerbegrippen hele bevolkingsgroepen weggezet, dan wel juist positief belicht worden. En daarmee kan je het alleen nog maar eens of oneens zijn en kan het oudmiddeleeuws rotte tomaten gooien op de (sociale) media beginnen. Persoonlijk heb ik zelfs meerdere keren het verwijt gekregen als ik me onthield van de “discussie” om maar iedere twijfel aan mijn standpunt weg te nemen.

Nu vielen me de laatste tijd een aantal andere berichten op, vanuit de hoek van ons ministerie van Justitie. Wat langer geleden de discussie rond de verlofregeling van Folkert van der G. in relatie tot (groepen in) de samenleving en zeer recentelijk het bericht dat onze staatssecretaris Teeven het bewijs van goed gedrag vaker wil weigeren. Bij dit laatste bericht werd de publieke opinie ook nog eens behoorlijk beïnvloed door het argument dat je het toch niet kan voorstellen dat vermeende (en dus niet veroordeelde) pedofielen bij de scouting gaan werken. Echt een populistische list om wederom het onderbuikgevoel extra aan te boren.

Waar het mij in dit laatste bericht vooral om gaat is dat er veel mensen zijn die hun leven op een positieve manier vorm willen geven, maar nu zelfs al geen VOG kunnen krijgen. Stel je eens voor dat je door enkele of zelfs maar één verkeerde beslissing in het verleden een straf hebt ondergaan, misschien aansluitend ook nog zelfs een aantal jaren behandeling in een tbs-kliniek hebt gehad en je wìlt die positieve wending aan je leven geven. Dat is héél hard werken meneer Teeven. En we weten het allemaal: juist om recidive te voorkomen is het meer dan raadzaam om op diverse levensgebieden een positieve impuls te bewerkstelligen. Graag wil ik populistisch afsluiten: “De Hardwerkende Nederlander loont!”

Work in Progress

Na een hectisch jaar in vooral mijn eigen ontwikkeling zijn me een aantal dingen duidelijk geworden. Het is zelfs pas sinds kort dat ik mijn interne drive aan mezelf bloot te durven leggen. De drive die me vertelt waarom ik de dingen doe, zoals ik ze nu doe en hoe ik deze professioneel wil inzetten. Vanuit mijn hart wil ik een bijdrage te leveren aan Herstelondersteunende Zorg door de inzet van vrijwilligers, met name in de (forensische) psychiatrische zorg. Te vaak hoor en zie ik nu om me heen termen als “reguliere professionals”, “ervaringsdeskundigen” en “(ervaringsdeskundige) vrijwilligers” in de verhouding “Wij en Zij.” Toch heeft de “Wij als geheel” één gemeenschappelijk doel: een zo goed mogelijke bijdrage leveren aan de “menselijke maat” in het leven van de cliënt.

De afgelopen jaren heb ik veel kennis en ervaring vergaard omtrent de bijdrage en inzet van (ervaringsdeskundige) vrijwilligers. Daardoor heb ik goede en minder goede voorbeelden mogen ervaren en eigen ideeën hierover ontwikkeld. Van hoe zet ik vrijwilligers in en hoe veranker ik die inzet in alle geledingen van de organisatie tot het daadwerkelijk implementeren van werkzaamheden door vrijwilligers en hun begeleiding.

Mijn persoonlijke drive hierin is:
Iedereen mag behandeld worden zoals ik zelf behandeld wil worden.

Zoals het leven voor mij blijvend Work in Progress is, geldt dat onder andere ook voor mijn site. Binnenkort nodig ik u uit om het resultaat daarvan te bekijken.

Ik wens u allen een fijn samenzijn tijdens en natuurlijk ook na de feestdagen. Immers, we hebben allemaal de nabijheid van anderen nodig om het licht te blijven zien.

 

Joan van Hemert

Vensterbankgesprekken op het Forensisch Centrum

Sinds een maand of 8 heb ik het voorrecht om als vrijwilliger te mogen werken op het Cliëntenservicepunt van De Woenselse Poort. Een unieke plek binnen de beveiligde zone op het terrein van de Grote Beek in Eindhoven. Samen met mijn collega’s organiseren we voor – en zoveel mogelijk door – cliënten leuke activiteiten. Van karaoke tot bingo en van samen koken en eten tot filmavond. Maar het meest koester ik nog de gesprekken. De gesprekken in groepsverband op het Cliëntenservicepunt, of zoals nu in de in “een proeftuin” opgezette ontmoetingsuren en “last but not least” de individuele gesprekken. Vensterbankgesprekken noem ik het. Op basis van wederzijds vertrouwen worden binnen de poort ervaringen gedeeld, maar ook de overgebleven stukjes van eens zo mooie maar nu vooral stukgeslagen dromen. Stukjes houvast die – op basis van gelijkheid en wederkerigheid – gedeeld kunnen worden. Zittend op de vensterbank naar buiten durven kijken, voorbij de hekken, naar de horizon. Een horizon waaraan kleine en grotere stipjes van oplichtende hoop, steun en kracht mogen verschijnen.

dwp-logohttp://www.dewoenselsepoort.nl/clienten-en-naasten/clientenbelangen/clientenservicepunt

Mijn spiritualiteit

Voor mij geldt over spiritualiteit het volgende cliché (maar daarom is het nog niet minder waar): “Er is meer tussen Hemel en Aarde”. Aan deze uitspraak liggen diverse bijzondere ervaringen ten grondslag. Mooie en minder mooie ervaringen, maar daarom niet minder indrukwekkend. Echter, ik zie deze ervaringen ook niet meer dan als ondersteuning. Uiteindelijk gaan ze namelijk om het mij duidelijk maken dat mijn ziel – en die van anderen – over energie beschikt. En die energie kan ik inzetten om mijn opdracht hier op aarde te vervullen, “gewoon met de poten in de modder”.

Wat ik weleens lastig vind is dat die energie niet hetzelfde tempo heeft als de manier waarop wij hier ons leven leiden en de maatschappij in elkaar zit. Maar op de momenten dat ik de energie toelaat, is die wel heel sterk. Vele malen sterker dan onze “bruisende” omgeving. Ik weet het – uit ondervinding – het klinkt gemakkelijk: Laat die energie maar stromen. Laat hem maar stromen via je Hart en maak op die manier contact met jezelf, je omgeving en met anderen. En daar zijn nou net die bijzondere ervaringen en bijzondere ontmoetingen voor.

De herstelketen detentie

Het is maandag 20 mei , een rustige, wat kille tweede pinksterdag in 2013. De lente komt langzaam op gang, anders dan de discussie rondom criminaliteit en dader. Deze lijkt – ingegeven door telkenmale nieuwe impulsen – iedere keer weer heftiger op te laaien. Al sinds het aantreden van het Rutte I-kabinet, met de beroemde woorden “(…)dat u deze inbreker met een paar ferme tikken(…)”, blijkt deze discussie  meer en meer gemeengoed van populisme en verharding te worden.  En het populisme dringt ook door tot de keten rondom detentie. Op deze rustige tweede pinksterdag lees ik de volgende tweet van @ReclasseringNL: “De reclasseringswerker aarzelt voordat hij aanbelt. Klant Jaap – onder toezicht vanwege ernstige vechtpartijen- heeft een rottweiler. Rambo.”

Ik weet niet wat me in die uitspraak nou het meeste raakt. Is het inderdaad de harde, populistische veroordeling die van dit cliché afdruipt, of is het vooral de positionering in de keten die de reclassering d.m.v. een dergelijke uitspraak wil innemen. En dat juist in een tijd dat de discussie over het Masterplan van staatssecretaris Teeven in volle gang is. Reclassering Nederland ziet haar bestaansrecht groeien met haar aanbod in de uitvoering van dit plan, een grote rol te spelen in het toezicht op de Electronische Detentie (ED). Natuurlijk, één van de voornaamste doelen van detentie is genoegdoening aan de samenleving. Echter, de afgelopen jaren is in Nederland “herstelgerichte detentie” uitgegroeid tot een fenomeen, dat voor het leven van veroordeelden en hun achterblijvers reeds tijdens detentie en daarna verbeteringen oplevert op diverse leefgebieden (zoals wonen, werk, welbevinden). Een positieve ontwikkeling die bijdraagt aan het terugdringen van recidivecijfers en daarmee ook aan de veiligheid en het welbevinden van eenieder in onze maatschappij.

In dat proces speelt ReclasseringNL een belangrijke rol. Ik geef toe, een vele malen bescheidener rol dan die zij voor ogen heeft in de zeer nabije toekomst. Maar uiteindelijk is het niet van belang wie welke rol vervult of gaat vervullen, als we ons in de keten en in de maatschappij – naast genoegdoening – maar voldoende in blijven zetten op herstel.